Posts tonen met het label NNO. Alle posts tonen
Posts tonen met het label NNO. Alle posts tonen

zondag 16 januari 2011

NNO-barok in drie Noord-Nederlandse steden

Italiaans programma
In elk van de drie provincies die tezamen het speelgebied vormen van het Noord Nederlands Orkest, wordt één van de drie laatste dagen van de komende week, een barokconcert gegeven door een voor die bezetting aangepast symfonieorkest met toevoeging van een orgel en een klavecimbel. 
De bezoekers van de drie concerten — op donderdag 20 januari in De Schalm in Assen, op vrijdag 21 januari in De Oosterpoort te Groningen en op zaterdag 22 januari in de Martinikerk te Sneek — krijgen een palet aan barokmuziek voorgezet: een concerto grosso van de Engelsman Charles Avison (1709-1770), die de inspiratie daarvoor heeft gevonden bij eem voorganger van Italiaanse oorsprong: Domenico Scarlatti (1685-1757) en diens (maar liefst) 555 sonates voor klavecimbel. Daarna volgt een cantate — één der vijftig in die categorie composities — van Francesco Conti (1682-1731). Optredende soliste is Katherine Fuge, sopraan.
Van de componisten die de familienaam Zappa dragen en de voornaam Francesco, respectievelijk Frank, is in de twintigste eeuw onder de jongeren zonder twijfel de man van de 200 Motels de beroemdste, want toen eigentijdse, geweest; in het kader van de Barok daarentegen was het de vermaarde virtuoos op de cello met die naam die furore wist te maken, tevens als schrijver van muziek. 
Van hem weten we verder alleen maar zeker dat hij in de jaren 1763 tot 1788 zijn werkzame periode heeft gehad en dat hij de monarchen uit de clan der Oranjes met staaltjes uit de muziekcultuur heeft moeten vermaken, in de Residentie. Zijn Symfonie in D, de toonsoort van het hart, staat als derde compositie van het drie maal uit te voeren NNO-programma, eind deze week, op de rol.

Slechts zesentwintig jaar oud is deze Italiaan geworden: Giovanni Battista Pergolesi.

Besloten worden de optredens met één der zeer veel voorkomende composities met de titel Stabat Mater, maar dan die, welke de grootste bekendheid heeft gehouden gedurende de laatste bijna drie eeuwen lange periode, aangezien het stuk is gereedgekomen in 1736, toen de in 1710 geboren componist ervan alweer overleed: Giovanni Battista Pergolesi.

__________
Andere details over dit concert zijn te vinden in een bijdrage op onze zustersite Cultuur in Groningen en omgeving, en in een artikel op een andere van onze vele zustersites: Muziek en mensen.

dinsdag 7 december 2010

Nederlandse première Beethoven-Pianoconcert

Jeugdwerken
Naast de ons bekende vijf concerten voor piano en orkest van Ludwig van Beethoven (1770-1827) bestaat er nog een zesde concert dat de code WoO 4 (Werk ohne Opuszahl) heeft gekregen. Dat concert beleeft donderdag 9 december in het Cultuurcentrum De Oosterpoort in Groningen zijn première middels de handen van pianist Ronald Brautigam, ondersteund door het Noord Nederlands Orkest dat speelt naar de bewegingen der handen van Johannes Leertouwer.
Johannes Leertouwer, violist
en, dezer dagen bij het
NNO, 
dirigent.
Daaraan voorafgaand zal er een niet zo dikwijls gespeeld jeugdwerk van Felix Mendelssohn Bartholdy (1809-1847) worden uitgevoerd: de Ouverture voor blaasinstrumenten, opus 24 uit 1824. Met de Italiaanse symfonie van diezelfde componist — bijna een decennium later afgerond — wordt het concert besloten. Een toelichting daarop kunt u vinden in een artikel op onze zustersite Muziek en mensen.
Die avond zal er echter, in aansluiting op dat pianoconcert, doch eerst onderbroken door een pauze, nog een tweede compositie van Beethoven — lange tijd één van de kortere, edoch veelvuldig geprogrammeerde stukken, want publiekslievelingen, uit de koker van die componist worden gespeeld:

Ouverture Coriolanus, in c kleine terts, opus 62 (1807)

Beethoven heeft de Coriolanus-ouverture gecomponeerd als inleiding tot het inmiddels vrijwel geheel in vergetelheid geraakte drama met dezelfde titel dat in 1802 door de Weense dichter Heinrich Joseph von Collin (1771-1811) werd gepubliceerd. Dikwijls wordt ten onrechte gewezen op een Shakespeare-navolging waaraan Collin zich schuldig gemaakt zou hebben. Weliswaar schreef ook de bard van Stratford-upon-Avon een tragedie over de Romeinse veldheer Marcius, die na de verovering van Coroli de eervolle bijnaam Coriolanus had gekregen, maar Collin heeft zich georénteerd op de Griekse geschiedschrijver Plutarchus, die leefde van circa 46 tot na 120.
Heinrich Joseph von Collin.
Weliswaar heeft ook William Shakespeare gebruik gemaakt van diens Βιοι παραληλλοι (Bioi paralèlloi) van die auteur, maar diens Engelse tragedie heeft Collin geenszins beïnvloed.
Over Gnaeus Marcius die in de vijfde eeuw vóór onze jaartelling leefde, wordt verhaald dat hijuit wrok jegens zijn volk, dat hem niet tot consul heeft gekozen, de naburige stam der Volkskers heeft aangezet tot een oorlog tegen Rome. Toen de vijand voor deze stad stond en plundering dreigde, zonden de Romeinen een afvaardiging naar Coriolanus om over vrede te onderhandelen, maar dat leverde niets op. Coriolanus' moederen zijn vrouw zijn er echter in geslaagd hem op andere gedachten te brengen.
In Beethovens ouverture wordt het contrast tussen de ruwe, verbitterde Coriolanus en de beide, hem vermurwende, vrouwen uitgebeeld in de beide hoofdthema's. Als de weerstand van de hoodpersoon uiteindelijk is gebroken, laat Beethoven het Coriolan-thema vertragen totdat het uiteindelijk geheel uiteenvalt.

vrijdag 26 november 2010

Cora Burggraaf subliem in Berio's Folk Songs

Mezzosopraan Cora Burggraaf.
(Foto: Marco Borggreve.)
Bijna volle zaal
Donderdagavond werd het eerste van een reeks van drie concerten van het Noord Nederlands Orkest gegeven in een vrijwel volle grote zaal van het Cultuurcentrum De Oosterpoort in Groningen. Even gaat dan door je heen dat dit wellicht het gevolg is van een sfeer in de trant van "Nu het nog kan. . . ", gezien de plannen van cultuurbarbaren in onze Residentie. Immers, ook cultuurvernietiging is een manifeste vorm van fascistoïde, dan wel regelrecht fascistische, monsterlijkheid. Politici blijken, altijd opnieuw, de meest gepreoccupeerde, en dito hardleerse, wezens, overal op aarde.
Helaas bleken de vele toehoorders niet gegrepen door de wens en de wil zich te manifesteren in zo'n context, maar vernam ik van diverse kanten dat er wel heel kwistig was gestrooid met vrijkaarten in verband met het officiële afscheid van de algemeen directeur van het ensemble, Jan Geert Vierkant. Desniettemin: er werd — in tegenstelling tot andere jaren, als de herfst eenmaal goed doorzet — nauwelijks gerocheld, gekucht en/of gehoest.

Cora Burggraaf: met ingetogen hartstocht
Dat was, vanzelfsprekend, een extra dimensie in een zaal vol muziek: stilte waar deze (dringend) gewenst is. Cora Burggraaf kon daarvan meeprofiteren in haar ronduit sublieme vertolking van de elf Folk Songs van Luciano Berio (1925-2003), waarbij ze niet alleen haar zangcapaciteiten tot in de grondtonen heeft ingezet, maar waarbij ze in beweging en mimiek steeds opnieuw de sfeer wist over te brengen die bij elk nummer op zich paste. Met ingetogen hartstocht: uitstekend in balans.
Berio had deze Folk Songs oorspronkelijk (1964) gecomponeerd voor zangstem en zeven instrumentalisten, later (1973) omgewerkt voor dezelfde vocale inzet, ondersteund door een kamerorkest met onder meer 29 strijkers (8, 8, 6, 4, 3), koper- en houtblazers, sober bezet slagwerk en harp. 
In die tijd was het niet gemakkelijk voor een als avantgarde componist bekend staande musicus om zich binnen de traditie te positioneren, zelfs en vooral niet als hij zich eenmaal of vaker manifesteerde in het centrum van die, in principe veelzijdige, traditie. Toen waren er, en nu zijn er nog altijd, hele volksstammen die menen dat een ijsberg verandert in een brandstapel als zij deze slechts benaderen.

De Tsjechische dichter, bloemlezer
 en historicus Karl Jaromir Erben
(1811-1870). 
Tekening Jan Vīlimek (1860-1938).
Dvořák en Brahms
Niet zelden gebeurt het dat het programmeren van zo'n, vermeend doodenge, compositie nog steeds afschrikt, zelfs als onderdeel van een voor de rest klassiek programma met werken van zeer populaire componisten. In dit geval waren dat lievelingen van het concertpubliek: Antonín Dvořák (1841-1904) en Johannes Brahms (1833-1897).
De relatief weinig gehoorde 
Woudduif van eerstgenoemde kreeg de gelegenheid alle geluiden van zichzelf en het omringende bos terug te vinden in een orkestrale toonzetting die het dier en de Boheemse natuur kenmerken. De componist heeft gebruik gemaakt van een ballade van Karel Jaromír Erben (1811-1870) — een historicus die zich onder meer heeft gespecialiseerd in folkloristisch-Tsjechische dichtkunst. Hij wordt beschouwd als de meest vooraanstaande dichter van die streek in de negentiende eeuw.
De Derde Symfonie van Brahms, een van de weinige werken waarover de componist zich heeft uitgelaten — "In mijn tonen spreek ik" — kreeg onder leiding van chef-dirigent Michel Tabachnik een technisch voortreffelijke uitvoering, al waren sommige accenten hier en daar wat nadrukkelijk agressief aangezet.

Leeuwarden en Emden (D)
Het concert wordt op vrijdag 26 november herhaald in De Harmonie in Leeuwarden en op zaterdag 27 november in de Noord-Duitse stad Emden (Neues Theater).

woensdag 24 november 2010

NNO in Groningen, Leeuwarden en Emden (D)

Antonín Dvořák.
Standbeeld (Praag)
Dvořáks Woudduif
Het Noord Nederlands Orkest speelt gedurende de laatste drie dagen van deze week steeds hetzelfde concert, maar dan op drie verschillende locaties: twee in eigen speelgebied, het derde in de Noord-Duitse stad Emden (Neues Theater, zaterdag 20:00 uur). Vrijdagavond is De Harmonie in Leeuwarden aan de beurt, maar de reeks begint in, eigen huis',  het Cultuurcentrum De Oosterpoort in Groningen, op donderdag '25 november.
Het concert zal worden geopend met het symfonisch gedicht De Woudduif opus 110 uit 1896 van de Tsjechische componist Antonín Dvořák (1841-1904). Een uitgebreid artikel daarover is te vinden op de site van het culturele fin de siècle All art is quite useless, op genomen op 4 augustus 2009.

Brahms Derde Symfonie
Het concert zal worden besloten met de Derde Symfonie uit 1883 van Johannes Brahms (1833-1897). Voor wat meer, en gedetailleerde, informatie over die compositie wordt u hier eveneens  verwezen naar een ruimer artikel op dezelfde site als waar u een uitgebreidere bijdrage kunt vinden over De Woudduif van Dvořák. 

Berio's Folk Songs
Het tweede werk dat vóór de pauze zal worden gespeeld heet Folk Songs, en is van Luciano Berio (1925-2003). Zelf heeft deze componist zo'n drie decennia geleden op het podium in de grote zaal van het cultuurcentrum De Oosterpoort gestaan als dirigent van uitsluitend eigen werken, gespeeld door het Concertgebouworkest, met hoboïst Werner Herbers en de Swingle Singers.
De Folk Songs werden voor het eerst voltooid in 1964, voor mezzosopraan en zeven instrumentalisten; in 1973 heeft de componist het werk aangepast.
Cora Burggraaf zal daarin de 
partij voor mezzosopraan vertolken. 

zondag 10 oktober 2010

NNO deze week met Russisch en Frans repertoire in drie Noord-Nederlandse steden

De Russische componist
Pjotr Iljitsj Tsjakovski
(1840-1893)
Pjotr Iljitsj Tsjajkovski
Het Noord Nederlands Orkest presenteert de komende week driemaal een concert met hetzelfde programma buiten de vestigingsplaats: op dinsdag 12 oktober in Schouwburg Ogterop te Meppel (aanvang 20:00 uur), op woensdag 13 oktober in De Muzeval te Emmen (aanvang 20:15 uur) en op donderdag 14 oktober in Theater Geert Teis te Stadskanaal (aanvang 20:00 uur). Chef-dirigent Michel Tabachnik leidt het ensemble; Violiste Veselina Manikova speelt de solopartij in twee stukken van Pjotr Iljitsj Tsjajkovski (1840-1893): Valse scherzo, opus 34 uit 1877 — een jaar voordat zijn onsterfelijk gebleken Vioolconcert, opus 35 het licht zag — en in aansluiting diens Menuet.
Voorafgaand klinkt eerst de als ouverture-fantasie gekwalificeerde compositie Romeo en Julia, uit 1869, naar de gelijknamige tragedie van William Shakespeare uit de jaren 1591/94. [1]

Claude Debussy en Maurice Ravel

Na de pauze is de beurt aan twee onvergankelijke meesterstukken uit het Franse repertoire: allereerst La mer van Claude Debussy, dat het orkest in de achter ons liggende week in drie andere steden van het eigen speelgebied heeft voorgesteld.
Deze voorstelling laat in principe niets te raden over. Men kan die zien
als een beeld-verwijzing naar de Boléro van Maurice Ravel.
Deze afbeelding is overgenomen uit de concertkalender 

2010-2011 van het Noord Nederlands Orkest.

Het concert zal worden besloten met de overbekende, en nog altijd even geliefde, Boléro van Maurice Ravel. Over die compositie kunt u een uitgebreide toelichting lezen, die we op 24 januari 2008 op deze site hebben gepubliceerd.

__________
[1] De componist heeft Romeo en Julia in 1870 en in 1890 gereviseerd.

woensdag 29 september 2010

Michail Jurowski opnieuw te gast bij NNO

Dmitri Sjostakovitsj
Deze week concerteert het Noord Nederlands Orkest tweemaal in de eigen regio: op donderdag 30 september in het cultuurcentrum De Oosterpoort te Groningen en op vrijdag 1 oktober in het cultureel centrum De Tamboer in Hoogeveen.
Uitgevoerd wordt, na de pauze, de Tiende Symfonie van Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) — gecomponeerd in 1953 — waarnaar de bezoekers van de Zevende van diezelfde componist, eerder dit jaar uitgevoerd door hetzelfde ensemble onder de uiterst bezielende leiding van de dirigent de thans voor dit concert opnieuw is gecontracteerd: Michail Jurowski.

Arnold Schönberg en Philipp Glass
Voorafgaande aan dat pièce de résistance wordt er een Nederlandse première gerealiseerd met het Celloconcert van Philipp Glass (geboren 1937). deze componist is geen onbekende voor de trouwe bezoekers van de concerten van het Noord Nederlands Orkest, dat meer dan eens aandacht aan deze componist heeft besteed. Zijn Vioolconcert werd hier gepresenteerd door Robert McDuffy, en daarbij is het niet gebleven. Glass' werk wordt gekwalificeerd als minimal music, maar zelf geeft hij de voorkeur aan het begrip theatermuziek. Hoe dat zal uitpakken in het werk dat deze week in onze contreien twee keer zal worden gespeeld, zullen we over een paar dagen weten. De Amerikaanse celliste Wendy Sutter speelt de solopartij.

Het concert zal worden geopend met de Nocturne voor strijkorkest en harp van Arnold Schönberg (1874-1951).

Zie ook het
artikel van dinsdag 28 september op onze zustersite Cultuur in Groningen en omgeving.
__________
Afbeelding: Celliste Wendy Sutter. (Foto overgenomen van haar website.)